Terug naar Windhoek
Woensdag 27 september 2006
Rond 15.30 komen we aan bij de Otjibamba lodge. Volgens de reisgids is
dit meer iets voor de zakenreiziger en onpersoonlijk. Daar zijn wij het in het
geheel niet mee eens. Het is inderdaad niet rietgedekt maar verder is het er
erg mooi en rustig.
De lodge ligt in een privé wildpark van 300 ha. Je kunt
hier zelf rondwandelen. Dus dat doen we nog voordat de zon onder gaat. Nou ja,
zon. Het is nog steeds behoorlijk bewolkt, waardoor het wel aangenaam wandelweer
is. De wandeling duurt ongeveer een uur. Ze hebben hier ook wat wild uitgezet
dat oorspronkelijk niet in Namibië voorkomt. We zien bontebokken, zwarte gnoes,
gewone gnoes, impala's, springbokken, struisvogels, giraffen en zebra's. En dat
alles te voet. Het is heerlijk om nu eens door de bush te kunnen wandelen in
plaats van rijden.
Het restaurant van de lodge is ook werkelijk uitstekend en
erg gezellig.
Donderdag 28 september 2006
Het is nog steeds bewolkt.
Voordag we gaan ontbijten maken we nog een
ochtendwandeling van een uur. We zien dezelfde dieren als gisteren en ook nog
hartebeesten.
Mochten we nog eens terugkomen dan willen we kamer 17 t/m
20. We hebben nu nummer 20 met uitzicht op de waterplaats. Gisterenavond kwam
daar een giraf en nu drinken er struisvogels. Grappig om te zien. Ze drinken
niet echt maar happen naar water.
En dan vandaag naar Okahandja om houtsnijwerk te kopen en
morgen met een lange, lange dagvlucht naar huis.
We herkennen Okahandja meteen van de vorige keer. We zijn
nu nog de enige toeristen dus we worden door iedereen aangeklampt. We willen
echt serieus iets kopen maar we krijgen de kans niet om na te denken omdat er
voortdurend iemand in onze oren blaast, laat staan dat we de kans krijgen om met
elkaar te overleggen. Bovendien verstaan ze hier Nederlands dus als we privé
iets tegen elkaar zeggen heeft een ander daar direct een mening over. Ik word
even erg pissig en dat helpt wel wat. Normaal gesproken is dit gedoe best wel
grappig maar we willen nu echt serieus iets kopen en krijgen de kans niet eens
om überhaupt rond te kijken.
Maar uiteindelijk gaan we hier met een grote hoeveelheid
weg. We hebben al vijf jaar spijt dat we destijds geen luipaard op tak hebben
gekocht dus dat willen we nu persé kopen.
Maar als we goed kijken dan lijken de meeste luipaarden
eigenlijk niet op een luipaard. De meeste hebben het lijf van een nijlpaard.
Maar uiteindelijk kopen we er een naar onze zin.
Maar dan volgen nog wat aanbiedingen die we niet kunnen
afslaan. Zoals een prachtige grote sculptuur van een olifant met jong samen met
twee houten kommen voor N$200.
We hebben er wel rekening mee gehouden met de bagage dus
het past er allemaal net in, maar zal het ook heel in Nederland arriveren?
We lunchen in Bakkery & Kaffee Dekker, bijna een echte
Duitse Konditorei. We nemen daar een heerlijk broodje met chocomel.
Het blijft toch raar en tegelijkertijd lekker, al die Duitse keukens in
Namibië. Hoewel het Afrikaans nog erg veel op Nederlands lijkt is verder het
Hollandse toch niet meer echt aanwezig in Zuid-Afrika. Maar hier in Namibië kom
je toch nog veel puur Duitse zaken en pure Duitsers tegen.
Maar het Duits dat hier tegen elkaar gesproken wordt is
voor ons toch onverstaanbaar.
Dan naar Windhoek. Als je er van deze kant binnenkomt en
er aan de andere kant weer uit moet dan blijkt het toch nog wel een grote stad
te zijn.
We hebben gereserveerd in de Trans Kalahari
Inn omdat deze zo dicht bij het vliegveld ligt. De website is niet echt
mooi en daarom blijkt de accommodatie veel mooier te zijn dan verwacht. De
kamer is heel erg groot met enorme ramen met uitzicht op de bergen. Echt
schitterend.
We slepen alle rotzooi uit de auto. De kamer ligt helemaal
propvol. Het is niet te geloven dat dit allemaal uit die ene auto komt. En dat
moet dan allemaal in drie tassen gepropt worden. Maar na een uur werken staan er
gewoon drie tassen, vol maar niet overvol en verder niets meer. Het is toch
weer gelukt.
We lopen nog even een stukje over de camping. Daar staat
één kampeervoertuig met daktent. We raken met de mensen aan de praat. Het zijn
Canadezen die gisteren geland zijn. Er staat hen nog twee maanden in Zuidelijk
Afrika te wachten.
Ze hebben een Mercedes 4WD safari voertuig van een kennis
kunnen lenen. Helaas ligt deze kennis nu in Duitsland in een ziekenhuis. Ze
hebben drie weken Namibië gepland en willen dan naar Johannesburg vliegen. Wij
geven ze nog wat tips en vertellen hen over Botswana. We krijgen hun emailadres
en later zullen we ze nog eens vragen of ze wat aan de tips gehad hebben en of
ze toch naar Botswana zijn geweest.
's Avonds zien we ze nog in het restaurant en we geven hen
een aantal uitgeprinte websites waar wij tijdens onze reis veel plezier van
hebben gehad.
De Canadezen zijn gepensioneerd en maken elk jaar drie
reizen van een aantal maanden. En als ze thuis zijn dan werken ze als inval nog
wat in hun oude functie. Als wij dat ook nog eens mee zouden mogen maken.
Ook hier is het eten erg goed. Hier staat voornamelijk
wild op de kaart, met Afrikaanse truffels.
Vrijdag 29 september 2006
Na een heerlijk ontbijt met echte Europese lekkernijen als
kaas en vleeswaren vertrekken we naar het vliegveld. We hebben met Coastal Car Hire
afgesproken dat ze ons daar om 07.00 uur opwachten maar we zien niemand. Na een
minuut of 10 gaan we toch maar vast inchecken. En dat is maar goed ook want
later wordt de wachtrij erg lang.
Dus als we rond 07.45 uur naar buiten gaan verwachten we
dat er iemand op ons staat te wachten maar nog niemand. Het wordt nu toch wel
wat vervelend. Dan realiseren we ons dat we het telefoonnummer in de bagage
hebben zitten en die is dus al op weg naar het vliegtuig.
We beginnen al allerlei opties te verzinnen voor als er
niemand komt. Zullen we de sleutels hier ergens aan de infobalie afgeven of
zullen we ze mee naar Nederland nemen en dan opsturen? Wel lastig dat we met
niemand contact op kunnen nemen. Het nummer op de sticker op de voorruit klopt
namelijk niet.
We vragen aan de infobalie een telefoonnummer van Coastal
Car Hire en krijgen gelukkig een mobiel nummer.
We lopen weer naar buiten om te bellen en lopen dan direct
de vrolijke eigenaar tegen het lijf die een andere klant wegbrengt of ophaalt.
Hij is ruim een uur te laat maar op zich past dit in de gemoedelijkheid van dit
bedrijf, maar voor mij was dit toch even een kleine irritatie. Ik wacht niet
graag zo lang voordat ik moet vliegen. Maar op zich was het ons wel duidelijk
dat het waarschijnlijk zelfs geen problemen op zou leveren als we de sleutels
dan maar mee hadden genomen.
Maar gelukkig kunnen we het nu nog afhandelen. De eigenaar
kijkt nog even naar de benzinetank en vind het prima zoals het is opgelost. Wij
zijn er uiteraard ook gelukkig mee, maar vragen hem wel hoe dit kan en of het te
voorkomen was geweest. Maar dat weet hij ook niet. Hij had hem vooraf nog
gecontroleerd zegt hij.
De tank was echter al eens gelast en wij denken dat het
reservewiel op de slechte weg naar Moremi de las weer opengeslagen heeft.
Dat we onderweg een paar glazen en een kom hebben gebroken
is geen probleem. En hij wil ons nog geld geven voor de campingstoel die we aan
moesten schaffen omdat de andere kapot was. Maar dat vinden we niet nodig.
Wel melden we hem dat we vinden dat hij goed naar de krik
moet kijken en moet uitzoeken waar het probleem vandaan komt. De krik is
geolied in Etosha dus misschien dat hij nu wel werkt? In dat geval moet hij de
volgende keer maar olie meegeven. De krik kon de auto namelijk niet tillen toen
er een band verwisseld moest worden. Dit gebeurde in Etosha en daarom hadden we
daar alternatieven voor handen. Maar als we een lekke band hadden gekregen in
een verlaten gebied dan had dit in het uiterste geval zelfs tot een
levensbedreigende situatie kunnen leiden.
Dus wellicht is het toch goed om de volgende keer een
satelliettelefoon te huren. Maar deze zijn wel schrikbarend duur.
We vertellen hem nog over onze ontmoetingen met leeuwen en
luipaarden. Achttien verschillende leeuwen en drie luipaarden deze keer. En we
vertellen hem ook dat wij juist altijd en overal luipaarden zien, terwijl een
luipaardontmoeting zo zeldzaam is. We weten zelf hoe absurd het is, zoveel
luipaarden als wij altijd zien. Hij is dan ook zeer verbaasd. Hij zegt dat er
mensen zijn die al 20 jaar naar Afrika komen en er nog nooit één gezien hebben.
Dus de volgende keer moeten we hem maar eens meenemen.
En dan wordt het tijd om in het krappe LTU toestel te gaan zitten. Bij LTU kun je
de stoelen bij de nooduitgangen (met veel beenruimte) kopen voor € 50 per stoel
per vlucht extra, als ik me niet vergis. Er zit nu niemand op. Dus Hans vraagt
aan de stewardess of wij daar mogen zitten. Maar dat mag niet omdat deze
stoelen voor het personeel zijn. Dat blijkt onzin te zijn want ze blijven de
hele vlucht onbezet. Maar dat zullen ze wel moeten zeggen om te voorkomen dat
mensen er op gokken dat ze gratis kunnen gaan zitten of iets dergelijks.
Maar voorin zijn nog wel vier stoelen naast elkaar
onbezet. De rugleuningen kunnen niet naar achteren omdat ze tegen een wand van
de pantry staan. Maar we weten inmiddels dat de andere stoelen hier ook
nauwelijks naar achteren kunnen, zoveel maakt dat dus niet uit. Wij mogen met
zijn tweeën wel die vier stoelen hebben.
Dat maakt dat deze vreselijk lange dagvlucht toch nog
enigszins dragelijk wordt. We kunnen nu om de beurt languit gaan liggen.
En uiteindelijk landen we in München. Vanwege mist eerder die dag zijn alle vluchten vertraagd. Op onze vlucht die 50 minuten zal duren moeten we een uur extra wachten. Dus op de tijd dat we eigenlijk al in Düsseldorf zouden zijn vertrekt dan eindelijk het vliegtuig naar Düsseldorf waar onze auto nog heelhuids staat te wachten.
Bijbehorende foto's